Zwemmen effectief is bij de behandeling van fibromyalgie

Onderzoekers van UNIFESP evalueerden de mate waarin verschillende vormen van fysieke activiteit, met inbegrip van diep water lopen, zwemmen en wandelen, de pijn verlicht en een betere levenskwaliteit geeft aan patiënten met fibromyalgie.

Een studie uitgevoerd door onderzoekers van de Federale Universiteit van São Paulo (UNIFESP) toont aan dat zwemmen even effectief is als lopen om de pijn te verlichten en de levenskwaliteit te verbeteren bij patiënten met fibromyalgie.

“Lichaamsbeweging is een essentieel onderdeel van een behandeling voor fibromyalgie, en tal van studies hebben aangetoond dat low-impact aërobe oefeningen de meeste voordelen bieden. Echter, niet iedereen is in staat om dezelfde soort fysieke activiteit te doen, dus besloot onze groep om alternatieven te testen “, zegt Jamil Natour, professor in de reumatologie bij UNIFESP.

In een artikel gepubliceerd in 2003 toonde het Natour team aan dat lopen beter is dan stretchen niet alleen om de pijn te verminderen maar ook om depressie en andere emotionele aspecten van patiënten met fibromyalgie te verbeteren, naast het verbeteren de cardiorespiratoire conditie, zoals verwacht. Een studie uitgevoerd door de groep in 2006 toonde aan dat stappen in diep water ook een goede optie is voor de behandeling van de ziekte.

“Zwemmen was nog niet wetenschappelijk beoordeeld. De resultaten van deze klinische proef toonde dat zwemmen even goed was als lopen. Zwemmen is zelfs geschikter voor een persoon die lijdt aan zowel fibromyalgie als knie artrose, bijvoorbeeld, “zei Natour.

De studie omvatte 75 sedentaire vrouwen tussen 18 en 60 jaar met fibromyalgie. Zij werden willekeurig verdeeld in twee groepen: 39 deden aan freestyle zwemmen en 36 ondernamen wandelingen in openlucht. Beide groepen ondergingen de training drie keer per week gedurende 12 weken. De 50-minuten durende sessies werden begeleid door professionals lichamelijke opvoeding gespecialiseerd in de reumatologie.

De vrijwilligers werden geëvalueerd volgens verscheidene parameters voor en na de 12 weken stage. Pijnintensiteit, bijvoorbeeld, werd geëvalueerd door toepassing van een visuele schaal van 0 (geen pijn) tot 10 (ondraaglijke pijn). De kandidaten kozen een nummer om de pijnervaring uit te drukken.

De pijnintensiteit daalde van 6,2 tot 3,6 gemiddeld in de wandelgroep en van 6,4 tot 3,1 in de zwemgroep. Volgens Natour wordt een afname van ten minste 2 op de pijnschaal als klinisch significant beschouwd.

Kwaliteit van leven werd gemeten met behulp van twee klinisch gevalideerde vragenlijsten. Eén daarvan was specifiek voor mensen met fibromyalgie (Fibromyalgie Impact Questionnaire). De andere was de Medical Outcomes Study 36-Item Short-Form Health Survey (SF-36), die geschikt is voor het grote publiek.

Statistisch significante verbeteringen gevonden voor SF-36 subschalen in beide groepen. In sociale interactie steeg het gemiddelde van 56 naar 80 bij de zwemgroep en van 52 tot 72 bij de wandelgroep. In de geestelijke gezondheidszorg, verbeterde de zwemgroep van 55,7 tot 68 en de wandelgroep van 51,1 tot 66,8. Deze schalen variëren van 0 tot 100 waarbij stijgende scores wijzen op verbetering van de levenskwaliteit.

Vertaling: Andre Teirlinck